Naar de inhoud
Inzichten

AI-content labelen: wat er sinds 2 augustus verplicht is

Sinds 2 augustus moet je sommige AI-content zichtbaar labelen. Maar lang niet alles. Zo zit artikel 50 van de AI-verordening in elkaar.

Eric Kalsbeek11 augustus 2026
Een stempel drukt een bliksem op een foto, als beeld voor de plicht om AI-content te labelen.

Een collega stuurt een foto rond van jouw verjaardag: jij met een feestmuts en een taart die er nooit was, erbij getekend door AI. Grappig bedoeld. En sinds 2 augustus is het volgens de wet een deepfake die een label nodig heeft.

Dat klinkt streng, en precies daarom komt de vraag in onze trainingen steeds terug: moet ik nu overal "gemaakt met AI" onder zetten? Nee. Maar de regel raakt wel andere dingen dan je denkt.

Wat er sinds 2 augustus geldt

Artikel 50 van de AI-verordening legt een labelplicht bij de organisatie die AI inzet, voor twee soorten content.

De eerste zijn deepfakes: door AI gemaakt of aangepast beeld, geluid of video dat lijkt op echte personen, plaatsen of gebeurtenissen en dat ten onrechte echt kan lijken. Kwade opzet is geen voorwaarde. De juridische term is dus veel breder dan de nepvideo van een politicus. De AI-taart van je collega valt eronder. De productfoto waarbij AI een trui om een echt model tekent ook. De vraag is niet of je wilde misleiden, maar of het beeld voor echt kan doorgaan.

De tweede zijn AI-teksten die je publiceert om het publiek te informeren over zaken van algemeen belang, zonder dat er een mens naar keek. Daar zit de uitzondering waar het meeste communicatiewerk in valt: zodra iemand de tekst naleest, vaststelt en er redactionele verantwoordelijkheid voor neemt, vervalt de labelplicht. Een bericht dat je met AI schreef en zelf redigeerde hoeft dus geen label. Kennelijk creatief, satirisch of fictioneel werk valt er ook grotendeels buiten.

Het label plakken is de taak van wie de tool bediende. Maak je het beeld zelf, dan ben jij het. Gaf je een bureau opdracht tot AI-beeld, ook. Besluit het bureau zelfstandig om AI in te zetten, dan ligt het daar.

Twee plichten die vaak door elkaar lopen

Naast jouw zichtbare label bestaat een tweede plicht, en die ligt bij de AI-bedrijven zelf. Zij moeten hun output machineleesbaar markeren: een code in het bestand of in de tekst, onzichtbaar voor de lezer, zodat software kan vaststellen dat iets van AI komt.

Onthoud het onderscheid zo: al het AI-materiaal hoort een onzichtbare markering te bevatten, een zichtbaar label hoeft alleen bij deepfakes en ongeredigeerde publieke teksten.

Hoe de AI-bedrijven het aanpakken

Zo'n 190 organisaties ondertekenden de vrijwillige gedragscode bij deze regels, waaronder Anthropic, Google, OpenAI, Meta en Microsoft. In de praktijk zie je overal dezelfde twee lagen: herkomst-metadata volgens de open C2PA-standaard (een digitaal paspoort aan het bestand) plus een onzichtbaar watermerk in de content zelf, dat blijft zitten als de metadata verdwijnt.

Google watermerkt met SynthID in beeld, audio, video en tekst. OpenAI gebruikt, opvallend genoeg, datzelfde SynthID van concurrent Google in alle beelden uit ChatGPT, sinds eind juli ook in audio, en biedt een publieke verificatietool. Anthropic zet sinds deze maand een onzichtbaar watermerk in alle tekst van nieuwe Claude-modellen, wereldwijd.

Dat Anthropic en Google dezelfde techniek gebruiken, betekent niet dat er één standaard ligt. Beide werken met SynthID-Text, maar elk met een eigen sleutel. Googles detector vindt een Claude-watermerk dus niet, en andersom net zomin. Wie iets wil controleren heeft per aanbieder een aparte check nodig. Bij bestanden ligt dat anders, want C2PA is wel een echte standaard die elke C2PA-tool kan lezen. Ondertekenaars van de gedragscode moeten dat gat voor tekst uiterlijk 2 februari 2027 gedicht hebben.

En Microsoft, voor veel overheidsorganisaties de relevantste omdat daar Copilot draait, regelt het anders. Watermerken op video en audio zijn een organisatiebrede instelling die standaard uit staat. Voor afbeeldingen moet elke medewerker zélf een schuifje omzetten. En tekst uit Copilot in Word of Outlook krijgt helemaal geen zichtbaar merk. Bij Copilot hangt het markeren van AI-content dus af van instellingen, verdeeld over IT en individuele collega's.

Kan iemand dan zien dat jouw stuk met AI is gemaakt? Soms. Detectie bestaat, maar versnipperd per aanbieder en met kinderziektes. De aanbieders zeggen het zelf: een gevonden watermerk bewijst geen auteurschap, want ook een tekst die je alleen liet nakijken krijgt er een. Géén watermerk bewijst niet dat het mensenwerk is, want een screenshot of een flinke bewerking wist de sporen. Zie een detectie-uitslag dus als aanwijzing en niet meer dan dat.

Bij tekst hangt het er bovendien vanaf hoeveel de AI zelf schreef. Het watermerk zit alleen in woorden die het model zelf kiest, dus van een tekst die jij schreef en alleen liet redigeren blijft zo weinig over dat er niets aantoonbaar is. Een vertaling is precies andersom: daar kiest het model elk woord, dus die is volledig gemarkeerd terwijl het denkwerk van jou is. Zelf controleren kan trouwens nog niet. Anthropic zei op 14 augustus dat daar een tool voor komt, maar die is er op dit moment niet.

De EU-iconen

Voor het zichtbare label maakte de Europese Commissie drie gratis iconen: een basis-icoon, een voor volledig AI-gegenereerde content en een voor mensenwerk dat deels met AI is aangepast.

Let op twee dingen. De iconen zijn optioneel, de labelplicht niet; het icoon plakken maakt je dus niet automatisch compliant, en een eigen tekstlabel mag ook. En uit de gebruikstesten van de Commissie blijkt dat het icoon beter werkt mét een tekstlabel ernaast, bijvoorbeeld "bewerkt met AI".

Je downloadt de iconen gratis als SVG of PNG op de pagina van de Europese Commissie, zonder bronvermelding.

Zo pak je het aan in je eigen werk

Begin bij je beeld. Loop je kanalen na met die brede deepfake-definitie in je achterhoofd, dus ook de interne nieuwsbrief en de socials. Alles waarin een echt persoon, gebouw of gebeurtenis met AI is aangepast en echt kan lijken, heeft voortaan een label nodig. Plaats dat label zichtbaar op het moment dat iemand de content voor het eerst ziet, in gewone taal, en zo dat het blijft staan als het beeld wordt gedeeld of gedownload.

Voor tekst is de route eenvoudiger: houd menselijke eindredactie op wat je publiceert en leg vast wie die verantwoordelijkheid draagt. Daarmee blijven je teksten buiten de labelplicht, en het is toch al hoe je wilt werken. Werk je met Copilot, vraag dan bij IT na hoe de watermerk-instellingen staan. Grote kans dat het antwoord is dat er nooit naar gekeken is.

En maak er een teamafspraak van in plaats van losse individuele keuzes: wanneer labelen wij, met welk label, en wie checkt het. Trap daarbij niet in het bericht dat deze plicht zou zijn uitgesteld naar december. De hoog-risico-deadlines zijn verschoven, de labelplicht niet. Oude content van vóór 2 augustus hoeft gelukkig niet met terugwerkende kracht gelabeld.

Minder werk dan het klinkt

De labelplicht voelt als weer een regel erbij. Maar hij vraagt weinig meer dan wat goed communicatiewerk toch al is: een mens die verantwoordelijkheid neemt voor wat naar buiten gaat. Wie zijn teksten zelf vaststelt en bij beeld even nadenkt of het voor echt kan doorgaan, is al bijna klaar.

In Is deze AI-tool veilig? Dat is de verkeerde vraag schreef ik eerder waarom regels en vooruitgang elkaar niet hoeven te bijten. Dat geldt hier ook: dit is een regel die je met één teamafspraak afvangt.

Delen:
Portret van Eric Kalsbeek
Eric Kalsbeek
AI-trainer bij Aigenwijs
Nieuwsbrief

Blijf op de hoogte.

Ontvang onze nieuwste tips en inzichten in je inbox. Maximaal 2x per maand, geen spam.

Maximaal 2x per maand, geen spam.

Aan de slag

Zelf aan de slag met AI?

Plan een vrijblijvende kennismaking, voor jezelf of je hele team. Geen verkooppraatje. Vaak levert het gesprek zelf al de eerste ideeën op.

Binnen 24 uur reactieGratis gesprek van 30 minutenGeen verplichtingen

Plan een kennismaking